Naar het overzicht

Nut en noodzaak van benchmarking

28 mei 2019

Of het nu is voor het vergelijken van de duurzaamheid van pensioenfondsen, de kosten per deelnemer of de kwaliteit van de regeling: u kunt er zó een benchmark op naslaan. Dat geldt ook voor de performance van beleggingen. Benchmarks worden hierbij steeds belangrijker, niet in de laatste plaats omdat u in toenemende mate wordt gevraagd uw beleggingskeuzes goed te onderbouwen. Om de nauwkeurigheid en integriteit van de benchmarks in de EU te waarborgen is begin 2018 de Benchmarkverordening ingegaan. In stappen worden alle bepalingen nu ingevoerd. Wat betekent dit voor u?

5 x over het gebruik van benchmarks

1. Waarom zijn benchmarks zo belangrijk?

Institutionele beleggers maken veelvuldig gebruik van benchmarks, met verschillende doelen. Zo worden er karakteristieken van beleggingscategorieën mee onderzocht en beoordeelt men er de performance van het beleid als van vermogensbeheerders mee. Ook worden benchmarks gebruikt voor het op maat maken van strategieën, waarbij de laatste jaren de voorkeuren op het gebied van duurzaamheid een grotere rol spelen. De toezichthouders verwachten in toenemende mate van pensioenfondsen dat ze hun beleggingskeuzes goed doordenken en vastleggen. Ook daarbij spelen benchmarks een grote rol.

2. Waar moet u rekening mee houden?

De keuze voor een benchmark bepaalt vaak de uitbestedingsopdracht voor een vermogensbeheerder. Het is dan ook van belang om zorgvuldig te kiezen welke benchmark u gebruikt. Maar hoe kiest u dan? Want er zijn inmiddels meer benchmarks dan aandelen beschikbaar. Zo zien we grote verschillen tussen duurzame benchmarks. Ook blijken nieuw ontwikkelde benchmarks in de praktijk niet altijd even goed te presteren als historische data suggereren. De al langer bekende benchmarks daarentegen worden door de enorme groei van passief beleggen door steeds meer beleggers gevolgd. Hierdoor is sprake van grote sommen kapitaal die deze indices volgen. Op het moment dat een (significante) indexwijziging doorgevoerd wordt, dient deze vooraf gecommuniceerd te worden door de benchmarkeigenaar. Dit heeft als gevolg dat actieve beleggers kunnen anticiperen op aanstaande indexwijzigingen en hiervan profiteren. Een passieve volger van een index waarvan met enige regelmaat de samenstelling wordt aangepast, betaalt uiteindelijk de rekening van de duurdere beleggingen die iedereen op dat moment wil hebben.

3. Wat betekent de nieuwe benchmarkverordening?

Sinds 1 januari 2018 is de benchmarkverordening van kracht. Deze is opgesteld door de ESMA (European Security and Markets Authority) en stelt eisen aan makers en gebruikers van benchmarks. Beheerders moeten zich voortaan registreren of een vergunning aanvragen. Bovendien geldt er nu een verbod op het gebruik van niet-geregistreerde benchmarks. Het doel van de verordening is het verhogen van de kwaliteit en het tegengaan van belangenconflicten, door alle benchmarks voortaan te baseren op werkelijke transacties. Ook moeten institutionele partijennu duidelijke ‘fallback’-plannen hebben voor het geval dat een benchmark wordt gewijzigd of beëindigd.

4. Dit heeft ook gevolgen voor de korte referentierentes…

Korte rentes als EURIBOR en EONIA kunnen namelijk niet meer blijven bestaan in de huidige vorm, omdat deze momenteel nog gebaseerd worden op interbancaire quotes. Deze korte referentierentes moeten gebaseerd gaan worden op daadwerkelijke transacties. De korte referentierente EONIA verdwijnt. Deze rente wordt vervangen door ESTER (of ‘€STR’): een ‘overnight’ rentetarief zonder onderpand, volledig gebaseerd op transacties. De EURIBOR blijft wellicht bestaan in aangepaste vorm of verdwijnt ook. Ongeacht de uitkomst betekent dit dat de swapcontracten in uw beleggingsportefeuille moeten worden aangepast. Ook de UFR zal aangepast worden omdat deze op EURIBOR-swaps gebaseerd is. Deze maatregel wordt in principe per 1 januari 2020 van kracht, zodat u zich nu tijdig kunt voorbereiden. Mogelijk volgt er uitstel, maar dat is op dit moment nog niet duidelijk.

5. Wat kunt u nu al doen?

Het is raadzaam uw keuze voor een benchmark goed te onderbouwen en deze op periodieke basis te evalueren. Een goede plek hiervoor zijn de investmentcases die u per categorie heeft. En wat betreft de benchmarkverordening: als uw pensioenfonds geen swaps heeft en u een bekende index gebruikt, dan hoeft er waarschijnlijk niet veel te gebeuren. De grote benchmarkproducenten laten zich namelijk registreren of hebben dat al gedaan. In alle andere gevallen is het raadzaam te inventariseren wat de gevolgen voor u zullen zijn. Denk aan de systemen waarmee u alle beleggingen waardeert, of aan contracten die aangepast moeten worden. Ook kunt u misschien alvast fallback-plannen opstellen. De benchmarkverordening bevat specifieke richtlijnen hiervoor.

Wilt u meer weten?

Lees dan verder op de website van de AFM, die in Nederland toezicht houdt op de benchmarkverordening. Of bezoek de website van de Pensioenfederatie (achter inlog).

Contact:

Kornelis Buursma
Wilse Graveland
Michel Iglesias del Sol

Nu, Institutioneel ook ontvangen?

Laat uw e-mailadres achter en u ontvangt de volgende editie automatisch in uw mailbox.

 

Eerdere edities: 

Meer over Client Solutions

News & Knowledge