Naar het overzicht

Waar staan we met IORP II? Zijn we klaar of begint het eigenlijk pas?

28 februari 2019

Waar IORP II in 2018 ongetwijfeld een vast agendapunt op uw bestuursvergadering was, is het dat in 2019 waarschijnlijk nog steeds. Deze herziene Europese richtlijn werd op 13 januari 2019 in Nederland van kracht. Maar als fiduciair manager zien we dat bij onze klanten in de praktijk nog het nodige moet worden uitgekristalliseerd. In deze Nu, Institutioneel doen we een pas op de plaats: waar staan we met IORP II?

Nu, Institutioneel - Feb 2019

 
1. Wat is er op dit moment bekend over IORP II?

IORP is een herziene Europese richtlijn en staat voor Institutions for Occupational Retirement Provision. Volgens deze richtlijn, die op 13 januari 2019 in Nederland van kracht werd, moeten pensioenfondsen sleutelfuncties inrichten op risicobeheer-, interne audit- en actuarieel gebied. De risicobeheerfunctie beoordeelt, monitort en rapporteert over het risicobeheersysteem én heeft een initiërende en adviserende rol bij het vormgeven van het risicobeheer. Ook moeten pensioenfondsen expliciet risico’s uit hoofde van milieu, sociale aspecten en governance betrekken in het risicobeheer en de eigenrisicobeoordeling. Ook heeft IORP II impact op bijvoorbeeld het duurzaamheidsbeleid. IORP II wil dat pensioenfondsen nog consistenter en explicieter zijn in hun duurzame beleggingsbeleid. Dat wil niet zeggen dat pensioenfondsen duurzaam móeten beleggen, maar wel dat alle keuzes weloverwogen worden gemaakt en verankerd worden in het beleid. Dat vervolgens door aangewezen rollen wordt gemonitord als het gaat om de risico’s. Het is meer dan ooit tevoren van belang dat het onderscheid in beleid, implementatie, verantwoording en controle degelijk wordt opgevolgd, óók op duurzaam vlak.

2. Welke mogelijkheden zijn er om IORP II te verankeren?

IORP II maakt onderscheid tussen houderschap en uitvoering. Het ligt voor de hand dat het houderschap bij een fondsbestuurder ligt. Maar er wordt geen onderscheid gemaakt in de regels die van toepassing zijn voor zowel de kleinere als de grotere pensioenfondsen. Dat kan betekenen dat kleinere fondsen – met een relatief klein bestuur of zonder bestuursbureau – zoveel mogelijk leunen op de 2e en 3e laag van uitbestedingsorganisaties, voor bijvoorbeeld de pensioenadministratie en het vermogensbeheer. De sleutelhouders zullen daarbij regelmatig beoordelen of de uitbestedingspartijen de uitvoering op orde hebben. Het uitbesteden van werkzaamheden mag alleen onder strikte voorwaarden, zodat bijvoorbeeld de risico’s niet onnodig toenemen en belangenconflicten worden beheerst. Tegelijkertijd geldt ook: hoe groter het risicoprofiel van een pensioenfonds, hoe meer countervailing power het fonds bij uitbesteding van sleutelfunctiewerkzaamheden moet hebben. U mag dus uitbesteden, maar moet er tegelijkertijd voor zorgen dat een bestuurslid zelf ook voldoende kennis, kunde en gewicht in de schaal kan leggen. Zowel op het gebied van risicomanagement, maar bijvoorbeeld ook op het gebied van ESG.

3. In hoeverre raakt IORP II uw beleggingsbeleid?

Pensioenfondsen zijn sinds de invoering van IORP II verplicht eens per drie jaar een ‘eigenrisicobeoordeling‘ (ERB) uit te voeren. Dit is een totaalbeoordeling van alle materiële risico’s die kleven aan de strategie en het risicoprofiel van een pensioenfonds. Ook zijn er nieuwe eisen aan (verantwoord) beleggen. In de richtlijn staat dat pensioenfondsen in hun beleggingscyclus milieuaspecten, sociale factoren en governance-factoren moeten integreren. Van beleid, uitvoering en risicomanagement tot de verantwoording. Leestip: de Nederlandsche Bank onderzocht in hoeverre maatschappelijke en ecologische uitdagingen zorgen voor risico’s bij 25 Nederlandse financiële instellingen. Ook bracht DNB in kaart welke processen financiële instellingen inrichten om hun duurzaamheidsbeleid te sturen. Hierover publiceerde DNB in januari 2019 het rapport 'Op waarde geschat', dat u onderaan deze pagina kunt downloaden.

4. Kunt u beleggingsdossiers uit hoofde van IORP II uitbesteden aan de vermogensbeheerder of fiduciair manager?

Nee, want dat zou impliceren dat u deze verantwoordelijkheden uitbesteedt. En dat is precies niet de bedoeling van IORP II. Natuurlijk is het wel belangrijk dat u in gesprek gaat met uw vermogensbeheerder of fiduciair over de haalbaarheid en meetbaarheid. U wilt er immers zeker van zijn dat het door u beoogde beleid ook daadwerkelijk uitvoerbaar is in uw beleggingen, zolang u het doel van uw fonds maar in het vizier houdt. IORP II dringt erop aan dat u een goed beeld heeft van het waarom van bepaalde keuzes en dat u deze consistent doorvoert in alle fasen van de beleggingscyclus. Wel is het zo dat uw fiduciair manager moet beschikken over drie lagen in de organisatie die onafhankelijk van elkaar opereren, zodat uw sleutelhouders efficiënt en effectief hun rol kunnen vervullen.

5. Wat brengt IORP II in de nabije toekomst?

De verschillende functies zijn benoemd en toegewezen aan verschillende personen, al dan niet binnen het pensioenfonds. Hoe dit in de praktijk gaat uitwerken is nu nog niet volledig helder. Er is duidelijk nog tijd nodig voordat elk pensioenfonds in kaart heeft hoe het om moet gaan met de sleutelfunctie risicobeheer en de eisen die gesteld worden aan integraal risicomanagement. Natuurlijk bent u welkom eens met ons van gedachten te wisselen over integraal risicobeheer en de wijze waarop u uw duurzaam beleggingsbeleid kunt vormgeven. We zien dat onze klanten vooral verwachten dat de verantwoording gedetailleerder wordt, er komt nog meer behoefte aan meer inzicht en analyses. Daarnaast ontstaat ook de noodzaak beheersmaatregelen en procesbeschrijvingen vast te leggen. U raadt het al: de aantoonbaarheid wordt alsmaar belangrijker.

Contact:

Kornelis Buursma
Wilse Graveland

Nu, Institutioneel ook ontvangen?

Laat uw e-mailadres achter en u ontvangt de volgende editie automatisch in uw mailbox.

 

Eerdere edities: 

Meer over Client Solutions