Nu, Institutioneel Editie Hollands Glorie

 Hollands Glorie cartoon

5 x over individualisering in de pensioensector

Op 12 september stond het Hollands Glorie-evenement van Kempen in het teken van individualisering. Casper van Ewijk (Netspar, Universiteit van Amsterdam) en Wilse Graveland (Kempen) belichtten verschillende kanten van dit thema en zetten de opties op een rijtje. Ronald van Hees (zorgverzekeraar CZ) trok de parallel met de zorgverzekeraars, die het afgelopen decennium een individualiseringsslag doormaakten. Gerard Roelofs, head client solutions van Kempen, modereerde. We vatten de bijeenkomst voor u samen in 5 vragen en antwoorden.

Hoe zit de SER in de toekomstdiscussie op dit moment?

Verdere pensioenhervorming is onontkoombaar, zo vindt de SER (Sociaal-Economische Raad). Zowel bekeken vanuit economische houdbaarheid, transparantie en de generatiediscussie, als vanuit de veranderende arbeidsmarkt en groeiende behoefte aan eigen regie, is het hoog tijd voor verandering.. De SER denkt dit te vinden in een persoonlijk pensioen met risicodeling (variant 4C). De Pensioenfederatie ziet meer in een combinatie van varianten (1B en 4C). In Den Haag is men nog niet uitgediscussieerd. Met name een eerlijke verdeling over de verschillende generaties staat hoog op de agenda. En zonder nieuw kabinet geen nieuw pensioenstelsel. Een belangrijk vraagstuk bij alle varianten is wat betreft Netspar de manier waarop keuzes worden aangeboden. De SER en Netspar doen uitgebreid onderzoek naar de juiste keuze-architectuur. Ook al blijven deelnemers van pensioenregelingen keuzes maken lastig vinden, technieken als framing en nudging kunnen absoluut helpen. De SER wil vooral een robuust stelsel creëren, waarin deelname in de 2e pijler verplicht blijft en een levenslange uitkering gegarandeerd is.

Parallellen tussen zorg- en pensioensector

De ontwikkelingen in pensioenland kennen op hoofdlijnen parallellen met de zorgverzekeringsbranche, maar in de details zitten belangrijke verschillen. Zorgverzekeraars zijn weliswaar geen overheidsinstellingen meer, maar ze moeten wel iedere Nederlander accepteren. Ook moet iedere Nederlander zich verplicht verzekeren, terwijl niet iedere Nederlander pensioen opbouwen niet verplicht is. En voor de basisverzekering geldt voor iedereen dezelfde, verplichte doorsneepremie. De overheid bepaalt welke onderdelen deel uitmaken van het basispakket en stelt een rekenpremie vast. De zorgverzekeraar breidt deze premie uit met een opslag voor eigen kosten en rekentegenvallers. Zorginstituut Nederland, dat de ziektehistorie van elke Nederlander kent, bepaalt de zogenaamde risicoverevening, die uniek is in de wereld. Hierbij telt bijvoorbeeld mee in welke regio u woont, hoeveel medicijnen u gebruikte in de afgelopen drie jaar en hoe uw werksituatie eruitziet. De verzekeraar wordt door de overheid gecompenseerd voor de gemiddeld te verwachte kosten per ‘soort’ verzekerde. Zo worden de kosten uitgesmeerd over verschillende generaties en selectierisico’s binnen Nederland gemitigeerd. Om een zorgverzekering betaalbaar te houden, is deze solidariteit onontbeerlijk. Een pensioenfonds kent deze solidariteit ook, maar alleen binnen een specifieke, vastomlijnde groep.

Wat kan de pensioenwereld leren van de zorgverzekeringsbranche?

De aanvullende verzekering is feitelijk al een individuele regeling. Bij CZ heeft 82,8 procent van de verzekerden in 2017 een aanvullend pakket. Veel verzekerden nemen alleen een aanvullend pakket als zij bepaalde kosten zien aankomen, zoals fysiotherapie of een nieuwe bril. Dat is oneigenlijk gebruik maken van een verzekering, het gaat immers niet om onvoorziene uitgaven. Het leerpunt: zorg ervoor dat solidariteit echt collectief is, anders wordt het voor een deel van de deelnemers te duur en derhalve helemaal niet solidair. Een ander leerpunt trok het publiek tijdens het event: ten tijde van de stelselwijziging van zorgverzekeringen was er geen ophef over de solidariteit, in tegenstelling tot in de pensioenbranche. Het verschil: zorgverzekeraars hebben te maken met marktwerking. De verzekerde kan, als hij dat wil, kiezen voor een andere verzekeraar. Zolang hij maar iets kiest. De vraag die hier rest: zijn dergelijke keuzes wenselijk, gezien de kosten om ze mogelijk te maken?

Welk inzicht willen deelnemers in hun pensioenregeling?

Tijdens het Hollands Glorie evenement dachten de meeste aanwezigen dat deelnemers behoefte hebben aan online inzicht in hun totale financiële situatie. Dus niet alleen inzicht in het pensioen, maar ook in de andere financiële componenten zoals spaargeld, een afgeloste hypotheek of een beleggingsproduct. En dat dan het liefst in een paar simpele muisklikken. Zeker de jonge generatie, die vooral met mobiel en tablet in de weer is, heeft behoefte aan overzicht, eenvoud en inzicht. Welke kant het pensioenstelsel ook uitgaat, het is duidelijk dat de deelnemer straks des te meer inzicht nodig heeft om een totaalplaatje van al zijn potjes te krijgen. De aftopping van de pensioenopbouw wordt naar verwachting ingrijpender en meer pensioenfondsen gaan meerdere regelingen naast elkaar aanbieden. Nog los van de aanvullende individuele opbouw én de waardeontwikkeling van de eigen woning, in combinatie met de afgesloten hypotheek. Hoe zorgt u er dan voor dat uw deelnemer of verzekerde nog weet waar hij aan toe is op zijn oude dag?

Wordt het straks een combinatie van DB en DC?

Van het huidige opgebouwde vermogen van € 1300 miljard die onze Nederlandse pensioenen waard zijn, zit nog geen 0,5 procent in een Defined Contribution (DC)-regeling. Het belang van het individu wordt steeds groter. En hoewel mensen het lastig vinden om keuzes te maken, een toename in DC-oplossingen ligt voor de hand. Toekomstige generaties zullen meer en meer zelf keuzes moeten maken. Daarbij willen ze zelf bepalen of en met wie zij pensioenrisico’s delen. De oplossing schuilt in overzicht en inzicht, in begrijpelijke taal. Daarmee kan elke deelnemer of verzekerde snel zien hoe zijn of haar financiële oude dag eruitziet. Er zijn voldoende opties om uit te kiezen, zowel op het gebied van regelingen als qua communicatiemiddelen. Oók zonder dat de politiek over de brug komt met een nieuw stelsel. Laten we, als financiële sector, zelf alvast beginnen.

Nu, Institutioneel ook ontvangen?

Laat uw e-mailadres achter en u ontvangt de volgende editie automatisch in uw mailbox.

Ben Kramer
Wilse Graveland
Gerard Roelofs