Naar het overzicht

Hoe brengen we de SDG’s binnen bereik?

03 maart 2021

Lees de hele nieuwsbrief

2021, 02 maart

ESG nieuwsbrief Februari

Download

Achtergrond

De Sustainable Development Goals (SDG’s) werden in 2015 door de Verenigde Naties opgesteld en zijn uitgewerkt in 169 subdoelstellingen. De SDG’s vormen een universele oproep om een einde aan armoede te maken, de planeet te beschermen en de leefomstandigheden en vooruitzichten voor alle mensen op aarde te verbeteren. De SDG’s vormen breedgedragen ambities waar we gezamenlijk vóór 2030 naartoe willen werken. 

De SDG’s kunnen onderverdeeld worden in milieugerichte doelen (denk aan klimaatverandering, biodiversiteit en beheer van natuurlijke hulpbronnen) en maatschappelijk gerichte doelen (zoals gendergelijkheid, gezondheid, emancipatie en fatsoenlijk werk). Aan sommige SDG’s kunnen bedrijven een bijdrage leveren via hun bedrijfsvoering (een fatsoenlijk loon betalen of een inclusief personeelsbeleid voeren). Aan andere SDG’s kunnen zij vooral bijdragen via de producten en diensten die zij leveren (duurzame energie, betaalbare gezondheidszorg, biologische gewasbeschermingsmiddelen). 

De realisatie van SDG’s vergt naar schatting USD 5 -7 biljoen aan jaarlijkse investeringen tussen 2015 en 2030. Het huidige investeringsniveau ligt hier echter aanzienlijk onder.

De kloof tussen SDG-doelen en actie moet dus gedicht worden.

Hoe gaan we de kloof tussen doel en actie dichten?
De achterstanden die ingelopen moeten worden om de 169 subdoelstellingen te realiseren, lopen niet alleen per thema sterk uiteen, maar ook per bedrijfstak, stakeholdergroep en regio. Alhoewel alle doelstellingen even belangrijk zijn, kan niet in alle doelstellingen evengoed belegd worden. Actuele en volledige datasets zijn op mondiale schaal moeilijk te krijgen. 

Ieder jaar moet veel energie gestoken worden in het meten van de bijdrage aan achterstandsvermindering. 

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) heeft onderzoek ingesteld naar de achterstanden die OESO-lidstaten nog moeten inlopen om de SDG’s te realiseren. Dit is natuurlijk een nuttige exercitie. De grootste achterstanden op het gebied van duurzame ontwikkeling zijn echter in de minder gefortuneerde niet-OESO-landen te vinden. De publiekelijk beschikbare informatie op de SDG tracker-website kan bij meting van de achterstanden behulpzaam zijn, evenals de jaarlijkse voortgangsrapportage van de VN-afdeling economische en sociale zaken, het UN Department of Economics and Social Affairs (UN DESA). 

Er is al enige vooruitgang geboekt. Volgens de Wereldbank is het deel van de wereldbevolking dat van  minder dan USD 1,90 per dag moeten rondkomen, onlangs voor het eerst onder de 10% uitgekomen (SDG 1: geen armoede). Verder is het aandeel van duurzame energie in het eindverbruik van energie tussen 2010 en 2017 gestaag gegroeid, zoals Figuur 1 laat zien (SDG 7: Betaalbare en duurzame energie)

Gezien de beschikbare middelen – ook in de vorm van technologie en kapitaal – wordt momenteel te langzaam vooruitgang geboekt om de doelen ook daadwerkelijk binnen bereik te brengen. De COVID-19-pandemie heeft daarbij een enorme terugslag veroorzaakt. De impact van COVID-19 is ook disproportioneel groter in de meer kwetsbare regio’s.

Figuur 1: Groeiend aandeel duurzame energie in het eindverbruik van energie (2010, 2017 in %)
Bron: UN DESA 2020 SDG Progress Report

 

Prioriteiten toekennen aan thema’s en resultaten is het devies voor beleggers

De private sector, inclusief beleggers zoals Van Lanschot Kempen (VLK), vervult een cruciale rol bij de realisatie van de SDG’s. De doelen lopen echter zo sterk uiteen dat organisaties wel duidelijk moeten vaststellen waar hun bijdrage het meest zinvol is, ervan uitgaande dat de impact meetbaar is en gemaximaliseerd kan worden. Beleggers moeten bepalen aan welke thema’s zij prioriteit toekennen en wanneer van succes gesproken kan worden in de beursgenoteerde en niet-beursgenoteerde beleggingscategorieën.

Binnen de beursgenoteerde beleggingscategorieën kunnen om te beginnen portefeuilles geselecteerd worden die per saldo beter op SDG’s scoren dan de benchmark. Dit kan betekenen dat bedrijven geselecteerd worden die hun bedrijfsvoering al goed op orde hebben (hoge ESG-standaarden voeren) en daarnaast ook een bepaald deel van hun omzet ontlenen aan producten en diensten die bij de SDG’s aansluiten. Later kan in de portefeuilleselectie als eis gaan gelden dat ondernemingen een bepaald percentage omzet dienen te genereren met producten en diensten die specifiek op de SDG-doelen gericht zijn (zoals duurzame en betaalbare energie, voedzaam eten en energiezuinige gebouwen). 

Verder dienen beleggers zich ook af te vragen wat zij niet gaan selecteren. Welke uitsluitingsdrempels gaan zij bijvoorbeeld toepassen in op SDG’s gerichte beleggingsoplossingen?
 
Voorts kunnen beleggers extra commitment afgeven door een dialoog te voeren met ondernemingen die nog niet vooroplopen op het gebied van duurzame ontwikkeling, maar in potentie wel koploper kunnen worden. Ondernemingen zullen hun investerings- en R&D-uitgaven eerder op de SDG’s afstemmen als beleggers hen verzekeren dat deze doelen prioriteit verdienen.

Specifieke aandachtsgebieden voor Van Lanschot Kempen 
Hoofdthema’s voor VLK zijn: klimaat- en energietransitie, slimme en circulaire economie gezondheid en welzijn. Kwesties zoals biodiversiteit of inclusiviteit hangen nauw daarmee samen, terwijl de mogelijkheid om bij te dragen aan fatsoenlijk werk en economische ontwikkeling (SDG 8) een rode draad vormt die alle doelen verbindt. Deze focus komt bovenop de overkoepelende commitments van VLK om geen schade te berokkenen (‘avoid doing harm’) en om verantwoord gedrag bij ondernemingen aan te moedigen.

Figuur 2: Drie voornaamste SDG-thema’s van VLK 

Kempen vindt als langetermijnbelegger dat klimaatverandering een systemisch risico vormt voor de economie, de maatschappij en het milieu. We willen in onze beleggingsportefeuilles dan ook rekening houden met de risico’s en kansen op het gebied van klimaatverandering in de komende decennia. 

Daarom hebben we in ons nieuwe Klimaatveranderingsbeleid een langetermijncommitment afgegeven voor klimaatneutrale beleggingsportefeuilles in 2050. En voor de korte termijn luidt onze doelstelling om onze beursgenoteerde en niet-beursgenoteerde beleggingsportefeuilles in respectievelijk 2025 en 2030 in de pas te laten lopen met de doelstellingen in het Klimaatakkoord van Parijs. 

Figuur 3: De transitiepaden van de EU naar een nettonuluitstoot 

SDG-data & -meting

We willen bij VLK kunnen beoordelen in hoeverre onze beleggingen op de SDG’s zijn afgestemd. Ook willen we volledige transparantie bieden over onze overwegingen om bepaalde SDG’s al dan niet na te streven. Anders dan veel andere beleggers meten we niet alleen de positieve impact van de ondernemingen in onze portefeuilles, maar ook hun negatieve bijdragen. We letten goed op dat we geen slecht onderbouwde gegevens verwerken, want dat zou tot greenwashing kunnen leiden. 

We hebben ondervonden dat de methodologieën en onderliggende taxonomieën bij leveranciers van SDG-data aanzienlijk uiteenlopen. Het informatiebereik en de robuustheid van gegevens loopt ook per fonds, ESG-thema en sector aanzienlijk uiteen. Zo is momenteel voor een aanzienlijk aantal goederen en diensten nog niet goed vastgesteld of zij aan de SDG’s bijdragen of deze juist in de weg staan. 

Vorig jaar hebben we goede stappen gezet om kwantitatief (per miljoen EUR belegd vermogen) te gaan beoordelen in hoeverre onze beleggingen op de SDG’s zijn afgestemd. Ook maakten we vergelijkingen consistenter en gingen we samenwerken met een nieuwe dataprovider voor beursgenoteerde beleggingscategorieën. Verder zochten we naar een zinvolle manier om de SDG-afstemming een centrale plek te geven in onze beleggingsbesluitvorming. Dit betekent dat fondsen zoals het Global Sustainable Equity Fund nu scores aan ondernemingen toekennen op basis van de procentuele omzetbijdrage van producten en diensten aan afzonderlijke SDG’s. 

Voor sommige thema’s, zoals klimaatverandering, zijn veel geavanceerdere SDG-data beschikbaar dan voor andere thema’s. Dit komt tot uitdrukking in de Revenu Alignment Score (een maatstaf voor de omzetbijdrage aan de SDG’s). Ondernemingen rapporteren vaak niet gedetailleerd genoeg in hoeverre hun productomzet aansluit op duurzame ontwikkelingsthema’s. Daarom worden deze percentages veelal geschat.

Conclusie
Onze overtuiging luidt dat wat gemeten wordt, ook gericht door ondernemingen gestuurd wordt. Onze transparantie stelt ons in staat om welbewuste besluiten te nemen op basis van duidelijke beweegredenen. Dit commitment past naadloos bij onze missie om een betrokken aandeelhouder te zijn voor de lange termijn die klanten wil helpen bij het opbouwen en behouden van duurzaam vermogen dat economisch rendement oplevert en een concrete positieve maatschappelijke en milieu-impact heeft.

Klik hier voor nadere informatie over onze Global Impact Pool. Dit Fonds belegt gericht in niet-beursgenoteerde beleggingscategorieën om daarmee SDG-doelen te helpen verwezenlijken.

Disclaimer

Kempen Capital Management N.V. (Kempen) heeft een vergunning als beheerder van diverse ICBE’s en ABI’s en is bevoegd om beleggingsdiensten te verlenen en staat als zodanig onder toezicht van de Autoriteit Financiële Markten. Dit document wordt u slechts ter informatie aangeboden en biedt onvoldoende informatie om een beleggingsbeslissing te kunnen nemen. Dit document bevat geen beleggingsadvies, geen beleggingsaanbeveling, geen research, noch een uitnodiging tot koop of verkoop van enig financieel instrument, en mag dan ook niet als zodanig geïnterpreteerd worden. De hierin opgenomen visie is onze visie per de datum van dit document en deze kan, zonder voorafgaande mededeling, onderhevig zijn aan wijzigingen.

Aanmelden voor onze ESG nieuwsbrief

Laat je e-mailadres achter en ontvang onze ESG nieuwsbrief als eerste in je inbox

Ons team

Narina Mnatsaka-nian
Danny Dekker
Eszter Vitorino-Füleky