Aanhaken op de SDG’s

In 2020 was het vijf jaar geleden dat de Verenigde Naties zeventien duurzame ontwikkelingsdoelen vaststelden om op holistische wijze een bijdrage aan duurzame ontwikkeling te leveren. Deze Sustainable Development Goals (SDG’s) vormen een universele oproep om een einde aan armoede te maken, onze planeet te beschermen en de leefomstandigheden en vooruitzichten voor alle mensen op aarde te verbeteren. Om deze doelen ook echt binnen bereik te brengen, is een gezamenlijke inspanning van de private sector, de financiële sector, overheden en andere actoren essentieel.

Alle SDG’s zijn even belangrijk. Dat neemt niet weg dat de achterstanden die moeten worden ingelopen om de onderliggende doelen te halen sterk uiteenlopen voor de verschillende regio’s en groepen belanghebbenden. De SDG’s kunnen in grote lijnen geclusterd worden in maatschappelijke thema’s (zoals SDG 1: Geen armoede, SDG 3: Goede gezondheid en welzijn, SDG 5: Gendergelijkheid en SDG 8: Fatsoenlijk werk en economische groei) en milieuthema’s (zoals SDG 7: Betaalbare en schone energie, SDG 14: Leven onder water en SDG 15: Leven op het land). Verder richten alleen SDG 16 en 17 zich hoofdzakelijk op corporate-governancekwesties. Goed ondernemingsbestuur is echter een eerste vereiste om op alle SDG-thema’s betekenisvolle vooruitgang te boeken. De onderstaande figuur geeft een uitsplitsing waar de focus ligt op milieu (E), maatschappij (S) en goed bestuur (G).

Figuur 13: Verdeling focus in milieu, maatschappij en bestuur

Bijdrage aan de SDG’s

De SDG’s kunnen niet alleen worden onderverdeeld naar focus op milieu (E), maatschappij (S) en goed bestuur (G), maar ook naar doelstellingen die hoofdzakelijk verwezenlijkt kunnen worden via het gedrag van ondernemingen (gendergelijkheid, fatsoenlijk werk en economische groei, optimaal gebruik van materialen) en andere thema’s die vooral te realiseren zijn via de levering van producten en diensten (denk aan een goede gezondheid waarborgen, basisdiensten verschaffen, klimaat & schone energie).  Bij de SDG’s met een meer ‘operationeel’ karakter hebben we in de bovenstaande figuur een ‘O’ toegevoegd. 

In enkele studies is onderzocht in hoeverre de SDG-thema’s belegbaar zijn, aangezien dat mede bepaalt aan welke thema’s prioriteit toegekend moet worden. De belegbare thema’s zijn in de bovenstaande figuur als grotere pictogrammen weergegeven. De SDG’s hangen onderling samen, dus de selectie van het ene thema heeft ook impact op andere thema’s. 
We willen bij Kempen beleggen in ondernemingen die een bijdrage leveren aan de realisatie van de SDG’s. Dat is echter gemakkelijker gezegd dan gedaan. De meeste ondernemingen beschikken niet over een uitontwikkelde, aan de SDG’s gekoppelde rapportage. De data die voor beleggers beschikbaar zijn, zijn over het algemeen van inferieure kwaliteit of onvoldoende substantieel. 

Het jaar 2020 vormde een belangrijk keerpunt voor Van Lanschot Kempen. We gingen samenwerken met een nieuwe SDG-dataleverancier voor beursgenoteerde beleggingscategorieën. Samen zochten we naar een zinvolle manier om de meting van de SDG-bijdrage een centrale plek te geven in onze beleggingsbesluitvorming. Fondsen zoals ons Global Sustainable Equity Fund kennen inmiddels scores toe aan ondernemingen op basis van het omzetaandeel van onderliggende producten en diensten die een bijdrage aan afzonderlijke SDG’s leveren. De analyse van het procentuele omzetaandeel van SDG-gerichte producten en diensten kan als maatstaf dienen voor de bijdrage die beursgenoteerde beleggingscategorieën aan de SDG’s leveren.

De onderstaande figuur geeft weer dat de ondernemingen in de portefeuille van het Kempen Global Sustainable Equity Fund (KGSEF) een hoger percentage van hun omzet ontlenen aan producten en diensten die een positieve bijdrage aan de SDG’s leveren (zoals medische producten en diensten, duurzame energie) dan de ondernemingen in de benchmark, terwijl een lager percentage van hun omzet een negatief effect op de SDG’s heeft ten opzichte van de benchmark (zoals producten op basis van fossiele brandstoffen). Ook in financieel opzicht heeft het fonds beter gepresteerd dan de benchmark. Dit betekent dat wij in staat zijn om engagementkansen op te sporen en onze positieve impact te maximaliseren. 

Figuur 14: Geaggregeerde positieve en negatieve bijdragen aan sdg’s van  KGSEF als % van het totale fondsvermogen

 

Deze verfijndere data-input was aanleiding om een interne impactwerkgroep op te zetten die verschillende onderdelen van ons bedrijf helpt om de aansluiting op de SDG’s en de impact te meten. Deze werkgroep heeft al aanzienlijke successen geboekt. Zo heeft het Private Markets-team op basis hiervan het eerste duurzaamheidsverslag voor klanten gepubliceerd. Andere leden van de werkgroep deelden best practices voor diverse fondsen en beleggingscategorieën.

We streven ernaar om in 2021 meer SDG-analyses voor producten en diensten uit te rollen. Verder werken we aan Kempen-breed beleid voor afstemming op de SDG’s, waarna specifieke doelstellingen geformuleerd kunnen worden.

Inmiddels is een nulmeting verricht om te bepalen wat de beursgenoteerde fondsen van Kempen per saldo voor positieve en negatieve bijdragen aan de SDG’s leveren op basis van het procentuele omzetaandeel dat ondernemingen in deze fondsen ontlenen aan producten en diensten die de realisatie van specifieke SDG’s ondersteunen of juist belemmeren. Door deze SDG-relevantie te koppelen aan de omzet van een onderneming, kan een indicatieve bijdrage berekend worden die uiteindelijk leidt tot een geaggregeerde getalsmatige aansluiting op de maatschappelijke, kapitaalgerelateerde SDG’s.  

Deze mate van ‘SDG-relevantie’ kan positief, neutraal of negatief zijn. Deze waarden zijn gebaseerd op een objectieve taxonomie voor duurzame ontwikkeling, waarin producten en diensten geclassificeerd worden op basis van hun positieve bijdrage aan duurzame ontwikkeling (denk aan biologische gewasbeschermingsmiddelen en duurzame energie) of negatieve impact (denk aan fossiele brandstoffen, frisdrank en afvallozing in zee). 

Voor een eerste voorlopige beoordeling in hoeverre de duurzame aandelenfondsen van Kempen aansluiten op duurzame ontwikkelingsthema’s gerelateerd aan de SDG’s, zijn data van een nieuwe datavendor geanalyseerd.

De betreffende fondsen – Kempen European Sustainable Value Creation Fund, Kempen Global Sustainable Value Creation Fund, Kempen Global Sustainable Equity Fund en Kempen Sustainable European Small-cap Fund – vertegenwoordigen een totale waarde van EUR 876 miljoen. Voor deze vier fondsen werd de totale bijdrage aan milieuthema’s geschat op EUR -2,1 miljoen en aan maatschappelijke thema’s op EUR 39,1 miljoen. Zou het totale fondsvermogen van EUR 876 miljoen in plaats daarvan in benchmarkfondsen belegd zijn, dan zou de totale bijdrage aan milieuthema’s zijn uitgekomen op EUR -124 miljoen en aan maatschappelijke thema’s op EUR 14,7 miljoen. Onze berekeningen zijn gebaseerd op omzetgegevens voor iedere afzonderlijke onderneming in portefeuille om te kunnen bepalen welk deel van de omzet een (positieve of negatieve) bijdrage levert aan bepaalde maatschappelijke en milieuthema’s.

We onderkennen dat een dergelijke berekeningswijze ertoe kan leiden dat producten en diensten van ondernemingen in portefeuille aan meer dan één (maatschappelijk of milieu)thema worden toegerekend. We verwachten echter niet dat de uiteindelijke uitkomst van onze analyse hierdoor wezenlijk beïnvloed wordt. De voornaamste reden hiervoor is dat het uiteindelijke resultaat een optelsom is van zowel positieve als negatieve bijdragen, waardoor het effect van eventuele dubbeltellingen wordt uitgemiddeld.

Figuur 15: Bijdrage van onze assets under management in Kempen Sustainable Equity Funds aan mileuthema’s (in € 1.000 per miljoen geinvesteerde euro’s)

Figuur 16: Bijdrage van onze assets under management in Kempen Sustainable Equity Funds met maatschappelijke thema’s (in € 1.000 per miljoen geinvesteerde euro’s)

Impactbeleggen

Ons impactfonds, de Kempen Global Impact Pool (GIP), is het afgelopen jaar verder gegroeid. GIP had eind 2020 een beheerd vermogen van circa US$ 108 miljoen.
Het GIP-team heeft in 2020 alle onderliggende managers succesvol in kaart gebracht op basis van de twaalf dimensies uit het Impact Measurement Project van het Global Impact Investing Network. Dit proces heeft tot enkele interessante inzichten geleid, maar leverde ook een bevestiging van onze aanpak. Zo bleek dat alle GIP-managers in een impactcategorie vallen die een bijdrage aan de oplossingen levert. De gerealiseerde impact varieert echter van een actieve dialoog tot de opbouw van nieuwe kapitaalmarktsegmenten waar nog onvoldoende kapitaal beschikbaar is.

BESCHERMING VAN KLEINE CACAOBOEREN TIJDENS DE PANDEMIE  

Via het Agriculture Debt Fund belegt de Global Impact Pool onder meer in Ecookim, een cacaocoöperatie in Ivoorkust. We helpen deze coöperatie bij de financiering van de werkkapitaalbehoefte. De omzet is sinds 2012 meer dan verzevenvoudigd. 

De Covid-19-pandemie leidde in 2020 tot veel marktturbulentie voor grondstoffen zoals cacao. De markt werd heen en weer geslingerd tussen voorraadopbouw en vrees voor een marktinzinking. De wereldwijde lockdowns vormden ook een belemmering voor procedures zoals due-diligenceonderzoeken. Dit blokkeerde de instroom van kapitaal naar de sector. 

Onze SDG-gerichte beleggingen hebben dit jaar bijgedragen aan kapitaalverschaffing en technische ondersteuning, zodat de cacaohandel binnen de toeleveringsketens kon blijven plaatsvinden. Hiervan profiteerden de kleinere cacaoboeren binnen Ecookim die aan de basis van de toeleveringsketen staan. 

Het Agriculture Debt Fund heeft in 2020 technische ondersteuning ingezet om cacaoplantages te herstellen en te verjongen. Dit werk ging bij Ecookim ook tijdens de pandemie door: in het afgelopen jaar hebben 334 cacaoproducenten een training gehad, zijn langlopende leningen verstrekt, is 1.409 hectare aan plantages nieuw leven ingeblazen en is de oogstopbrengst met 38% vergroot.


12. This split is not clear-cut, there are of course companies who produce products that enable others to reduce their material input into their respective production processes.
13. Until now, we have not been proactively steering on contributing to the SDGs through our investments in listed asset classes, which is why we use the term “alignment” instead of “contribution” at this stage.
14. This is our initial baseline assessment in which we recognise certain data gaps:
1 The coverage varies per fund;
2 The objective taxonomy is not exhaustive (there is a significant proportion of goods and services that do not currently fall under the aligned or misaligned category);
3 On certain themes, such as climate, corporate disclosure is much more advanced than on other themes. This is reflected in the revenue alignment score;
4 Companies often do not report in sufficient detail about their revenues per products aligned with the SDG themes. Their revenue percentages are therefore estimated.
15. The calculations are based on € value of both enterprise value and holding data available as of end 2020.

Aanmelden voor onze ESG nieuwsbrief

Laat je e-mailadres achter en ontvang onze ESG nieuwsbrief als eerste in je inbox